Algemene voorwaarden

Algemene voorwaarden Citroen Aannemers

 

Artikel 1 Toepasselijkheid

  1. Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op elke Offerte van Aannemingsbedrijf Citroen en elke overeenkomst tussen Aannemingsbedrijf Citroen (hierna te noemen ‘de Aannemer’) en Opdrachtgever.
  2. Deze algemene voorwaarden zijn ook van toepassing op aanvullende, gewijzigde vervolgopdrachten en opdrachten in de toekomst van Opdrachtgever.
  3. Indien een of meerdere bepalingen van deze overeenkomst gedeeltelijk of geheel nietig zijn of worden vernietigd, blijven de overige bepalingen van deze algemene voorwaarden in stand.

 

Artikel 2 Offerte

  1. De offerte wordt schriftelijk dan wel elektronisch uitgebracht, behoudens spoedeisende omstandigheden.
  2. In de offerte wordt onder meer aangegeven:
    1. de plaats van het werk;
    2. een omschrijving van het werk;
    3. volgens welke tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen het werk zal worden uitgevoerd;
    4. het tijdstip van aanvang van het werk;
    5. de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd. Deze wordt bepaald door hetzij een bepaalde dag, hetzij een aantal werkbare werkdagen te noemen;
    6. de prijsvormingmethode die voor de uit te voeren werkzaamheden zal worden gehanteerd: aannemingssom of regie.
      • Bij de prijsvormingmethode ‘aannemingssom’ noemt de aannemer een vast bedrag voor het in de offerte omschreven werk;
      • Bij de prijsvormingmethode ‘regie’ doet de aannemer een opgave van de prijsfactoren (zoals uurtarieven, opslagen en eenheidsprij- zen van de benodigde materialen).
        De verschuldigdeomzetbelasting wordt in de offerte afzonderlijk vermeld;
    1. of betaling van de aannemingssom in termijnen zal plaatsvinden;
    2. of op het werk een risicoregeling van toepassing zal zijn, en zo ja welke;
    3. of met stelposten rekening is gehouden, en zo ja met welke:
    4. of hoeveelheden verrekenbaar zullen zijn, en zo ja welke;
    5. de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden op de offerte en op de daaruit voortvloeiende aannemingsovereenkomst.
  1. De offerte wordt gedagtekend en geldt ingaande die dag veertien dagen, of zoveel langer of korter als in de offerte is bepaald.
  2. De Aannemer is niet gehouden aan een offerte indien Opdrachtgever redelijkerwijs had kunnen verwachten of moeten begrijpen of hoorde te begrijpen dat de Offerte een kennelijkevergissing of verschrijving bevat. Aan deze vergissing of verschrijving kan Opdrachtgever geen rechten ontlenen.
  3. Tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen, die door de aannemer of in zijn opdracht vervaardigd zijn, blijven eigendom van de Aannemer. Zij mogen niet aan derden ter hand worden gesteld of getoond met het oogmerk een vergelijkbare offerte te verkrijgen. Zij mogen evenmin worden gekopieerd of anderszins vermenigvuldigd. Indien geen opdracht wordt verleend dienen deze bescheiden binnen 14 dagen na een daartoe door de aannemer gedaan verzoek op kosten van de Opdrachtgever aan hem te worden teruggezonden.
  4. Wanneer de offerte niet wordt geaccepteerd, is de Aannemer gerechtigd de kosten die gemoeid zijn met het tot stand brengen van de offerte aan degene op wiens verzoek hij de offerte uitbracht in rekening te brengen, indien hij zulks voor het uitbrengen van de offerte heeft bedongen.

 

Artikel 3: Overeenkomst en contractstukken

  1. De overeenkomst komt tot stand door aanvaarding van de offerte door de Opdrachtgever.
  2. Indien een opdracht wordt gegeven door twee of meer Opdrachtgevers zijn zij hoofdelijk verbonden en heeft de Aannemer tegenover ieder van hen recht op nakoming voor het geheel.
  3. Indien Opdrachtgever een reeds tot stand gekomen overeenkomst annuleert worden hierbij de volgende kosten in rekening gebracht. In geval van annulering tot een maand voor de aanvangsdatum wordt 20% van het offertebedrag in rekening gebracht bij Opdrachtgever. Tot drie weken tot de aanvangsdatum wordt 50% van het offertebedrag gerekend, en tot een week voor de aanvangsdatum wordt 75% van het offertebedrag in rekening gebracht. De aannemer is te allen tijde gerechtigd hogere kosten in rekening te brengen indien zij meer kosten gemaakt heeft ten behoeve van de uitvoering van de overeenkomst.

 

Artikel 4: Verplichtingen van de Opdrachtgever

  1. Tenzij anders is overeengekomen zorgt de Opdrachtgever ervoor dat de Aannemer tijdig kan beschikken:
    1. over de voor de opzet van het werk benodigde gegevens en goedkeuringen (zoals publiekrechtelijke en privaatrechtelijke toestemmingen), zo nodig in overleg met de Aannemer;
    2. over de locatie, het gebouw, het terrein of het water waarin of waarop het werk moet worden uitgevoerd;
    3. over voldoende gelegenheid voor aanvoer, opslag en/of afvoer van bouwstoffen en hulpmiddelen;
    4. over aansluitingsmogelijkheden voor elektrische machines, verlichting, verwarming, gas, perslucht en water. De benodigde elektriciteit, gas en water zijn voor rekening van de Opdrachtgever. Verloren arbeidsuren als gevolg van water, gas- of stroomuitval komen voor rekening van de Opdrachtgever..
  2. Het is de Opdrachtgever niet toegestaan om vóór de dag waarop het werk als opgeleverd geldt van het werk zelf dan wel door derden werkzaamheden uit te (laten) voeren, behoudens toestemming van de aannemer.
  • Zonder voorafgaande schriftelijke of elektronische toestemming van de aannemer is het de Opdrachtgever niet toegestaan om voor de dag waarop het werk als opgeleverd geldt zijn rechtsverhouding tot de aannemer over te dragen aan een derde.
  • Opdrachtgever geeft toestemming aan de aannemer om foto’s te maken van het opgeleverde, en/of de door Opdrachtgever gemaakte foto’s van het opgeleverde te plaatsen op zijn website en/of social media kanalen ten behoeve van reclame- en promotiedoeleinden.

 

Artikel 5: Verplichtingen van de aannemer

  1. De aannemer is verplicht het werk goed en deugdelijk en naar de bepalingen van de overeenkomst uit te voeren. De aannemer dient het werk zodanig uit te voeren, dat daardoor schade aan personen, goederen of milieu zoveel mogelijk wordt beperkt. De aannemer is voorts verplicht de door of namens de Opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen op te volgen.
  2. De uitvoering van het werk moet zodanig zijn, dat de totstandkoming van het werk binnen de overeengekomen termijn verzekerd
  3. Indien de aard van het werk hiertoe aanleiding geeft, stelt de aannemer zich voor aanvang van het werk op de hoogte van de ligging van kabels en leidingen.
  4. De aannemer wordt geacht bekend te zijn met de voor de uitvoering van het werk van belang zijnde wettelijke voorschriften en beschikkingen van overheidswege, voor zover deze op de dag van de offerte gelden. De aan de naleving van deze voorschriften en beschikkingen verbonden gevolgen zijn voor zijn rekening.
  5. De aannemer is verplicht de Opdrachtgever te wijzen op onvolkomenheden in door of namens de Opdrachtgever voorgeschreven constructies en werkwijzen en in door of namens de Opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen, alsmede op gebreken in door de Opdrachtgever ter beschikking gestelde of voorgeschreven bouwstoffen en hulpmiddelen, voor zover de aannemer deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen.
  6. Indien de prijsvormingmethode regie is overeengekomen, maakt de aannemer weekrapporten op en dient hij deze in bij de Opdrachtgever. In de weekrapporten worden onder meer aantekeningen opgenomen betreffende de bestede uren en het verwerkte materiaal. Indien de Opdrachtgever tegen de inhoud van een weekrapport bezwaar heeft, stelt hij de aannemer daarvan onder opgave van redenen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen een week na ontvangst van het weekrapport schriftelijk of elektronisch op de hoogte.

 

Artikel 6: Kostenverhogende omstandigheden

  1. Kostenverhogende omstandigheden zijn omstandigheden:
    • die van dien aard zijn dat bij het tot stand komen van de overeenkomst geen rekening behoefte te worden gehouden met de kans dat zij zich zouden voordoen,
    • die de aannemer niet kunnen worden toegerekend en
    • die de kosten van het werk verhogen.
  2. Kostenverhogende omstandigheden geven de aannemer recht op vergoeding van de daaruit voortvloeiende gevolgen.
  • Indien de aannemer van oordeel is dat kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden, dient hij de Opdrachtgever hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk of elektronisch op de hoogte te stellen. Vervolgens zullen partijen op korte termijn overleg plegen omtrent de vraag of kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden en zo ja, in hoeverre de kostenverhoging naar redelijkheid en billijkheid zal worden vergoed.
  • De opdrachtgever is gerechtigd om in plaats van toe te stemmen in een vergoeding het werk te beperken, te vereenvoudigen of te beëindigen. Het bedrag dat de opdrachtgever in dit geval is verschuldigd zal naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid worden vastgesteld
  • De aannemer is gerechtigd om de geldende prijzen en tarieven (slechts) conform de voorwaarden van de overeenkomst schriftelijk aan te passen, met inachtneming van een termijn van tenminste 3 maanden vanaf de totstandkoming van de Overeenkomst waarin de prijzen niet stijgen. Bij prijsverhogingen binnen 3 maanden na totstandkoming van de Overeenkomst is Opdrachtgever bevoegd de Overeenkomst te ontbinden met een schriftelijke verklaring. Indien Opdrachtgever niet binnen 30 dagen na mededeling van de prijswijziging aan de aannemer heeft laten weten gebruik te willen maken van zijn ontbindingsbevoegdheid, mag de aannemer er gerechtvaardigd op vertrouwen dat Opdrachtgever met de prijswijziging heeft ingestemd.
  • Aannemer mag een stijging van kostprijsbepalende factoren, die is opgetreden na het sluiten van de overeenkomst, aan opdrachtgever doorberekenen. Opdrachtgever is gehouden de prijsstijging op eerste verzoek van opdrachtnemer te voldoen.

 

Artikel 7: Overmacht

  1. De Aannemer is niet aansprakelijk wanneer zij ten gevolge van een overmachtssituatie haar verplichtingen op grond van de Overeenkomst niet kan nakomen.
  2. Onder overmacht aan de zijde van de Aannemer wordt in elk geval verstaan, maar is niet beperkt tot: (i) overmacht van toeleveranciers van de Aannemer, (ii) het niet naar behoren nakomen van verplichtingen van toeleveranciers, (iii) gebrekkigheid van zaken, apparatuur, programmatuur of materialen van derden, (iv) overheidsmaatregelen, (v) elektriciteitsstoring, (vi) storing van internet, datanetwerk- en telecommunicatiefaciliteiten (bijvoorbeeld door: cybercriminaliteit en hacking) of van andere aard, (vii) natuurrampen, (viii) oorlog en terroristische aanslagen, (ix) algemene vervoersproblemen (x) ziekte en/of werkstakingen van het personeel van de Aannemer en (xi) natte weersomstandigheden, extreme hitte of terreinomstandigheden, (xii) overige situaties die naar het oordeel van de Aannemer buiten haar invloedssfeer vallen die de nakoming van haar verplichtingen tijdelijk of blijvend verhinderen.
  3. Indien een overmachtssituatie langer duurt dan 2 maanden, kan de Overeenkomst door elk van de partijen schriftelijk ontbonden worden. Indien op grond van de Overeenkomst reeds enige prestaties zijn verricht, wordt in een dergelijk geval naar verhouding afgerekend zonder enige verdere verschuldigdheid van deze prestaties van elke partij jegens elkaar.

 

Artikel 8: Meer en minder werk / stelposten

  1. Verrekening van meer en minder werk vindt plaats:
    1. ingeval van wijzigingen in de overeenkomst dan wel in de voorwaarden van uitvoering;
    2. ingeval van afwijkingen van de bedragen van de stelposten;
    3. ingeval van afwijkingen van verrekenbare hoeveelheden;
  2. In geval van door de Opdrachtgever gewenste wijzigingen in de overeenkomst dan wel in de voorwaarden van uitvoering kan de aannemer slechts dan een verhoging van de prijs vorderen, wanneer hij de Opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een daaruit voortvloeiende prijsverhoging, tenzij de Opdrachtgever die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen.
  3. Wijzigingen in de overeenkomst dan wel de voorwaarden van uitvoering zullen – behoudens spoedeisende omstandigheden – schriftelijk of elektronisch worden overeengekomen. Het gemis van een schriftelijke of elektronische opdracht laat de aanspraken van de aannemer en van de Opdrachtgever op verrekening van meer en minder werk onverlet. Bij gebreke van een schriftelijke opdracht rust het bewijs van de wijziging op degene die de aanspraak maakt.
  4. Stelposten zijn in de overeenkomst genoemde bedragen, die in de aannemingssom zijn begrepen en die bestemd zijn voor hetzij
    1. het aanschaffen van bouwstoffen;
    2. het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan;
    3. het verrichten van werkzaamheden, welke op de dag van de overeenkomst onvoldoende nauwkeurig zijn bepaald en welke door de Opdrachtgever nader moeten worden ingevuld. Ten aanzien van iedere stelpost wordt in de overeenkomst vermeld waarop deze betrekking heeft.
  5. Bij de ten laste van stelposten te brengen uitgaven wordt gerekend met de aan de aannemer berekende prijzen respectievelijk de door hem gemaakte kosten, te verhogen met een aannemersvergoeding van 10%.
  6. Indien een stelpost uitsluitend betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen, zijn de kosten van het verwerken daarvan in de aannemingssom begrepen en worden deze niet afzonderlijk verrekend. Deze kosten zullen echter worden verrekend ten laste van de stelpost, waarop de aanschaffing van die bouwstoffen wordt verrekend voor zover zij door de invulling die aan de stelpost wordt gegeven hoger zijn dan die waarmee de aannemer redelijkerwijs rekening heeft moeten houden.
  7. Indien een stelpost betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan, zijn de kosten van verwerking niet in de aannemingssom begrepen en worden deze afzonderlijk ten laste van de stelpost verrekend.
  8. Indien in de overeenkomst verrekenbare hoeveelheden zijn opgenomen, en deze hoeveelheden te hoog of te laag blijken om het werk tot stand te brengen, zal verrekening plaats vinden van de uit die afwijking voortvloeiende meer of minder kosten.
  9. Indien de Opdrachtgever opdracht geeft tot het uitvoeren van meer werk, mag de aannemer bij wijze van voorschot 25% van het overeengekomen bedrag in rekening brengen. Het resterende gedeelte zal de aannemer eerst kunnen factureren bij het gereedkomen van het meer werk dan wel bij de eerst komende termijnfactuur daarna. Tenzij anders is overeengekomen zal minder werk door de aannemer worden verrekend bij de eindafrekening.
  10. Indien bij de eindafrekening van het werk blijkt dat het totaalbedrag van het minder werk het totaalbedrag van het meer werk overtreft, heeft de aannemer recht op een bedrag gelijk aan 10% van het verschil van die totalen.

 

Artikel 9: Betaling

  1. Indien betaling in termijnen is overeengekomen, zendt de aannemer telkens bij of na het verschijnen van een betalingstermijn de desbetreffende termijnfactuur aan de Opdrachtgever toe. De door de Opdrachtgever aan de aannemer verschuldigde omzetbelasting wordt afzonderlijk vermeld.
  2. Opdrachtgever is verplicht om de overeengekomen aanbetaling binnen de opgegeven termijn te voldoen voordat de Aannemer start met het werk. In elk geval is Opdrachtgever verplicht om de kosten ten behoeve van de materialen vooraf te vergoeden.
  3. Betaling van een ingediende factuur dient plaats te vinden uiterlijk 14 dagen na de factuurdatum, met dien verstande dat bij de oplevering alle ingediende termijnfacturen en de facturen met betrekking tot het overeengekomen meer werk dienen te zijn voldaan, onverminderd de toepasselijkheid van artikel 10 en artikel 15 en op voorwaarde dat de aannemer deze facturen tijdig voor de oplevering heeft ingediend. De aannemer is gerechtigd de factuur betreffende de bij oplevering verschuldigde termijn 14 dagen voor de geplande oplevering in te dienen.
  4. Binnen een redelijke termijn na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, dient de aannemer de eindafrekening in.
  5. Betaling van het aan de aannemer verschuldigde bedrag van de eindafrekening dient plaats te vinden uiterlijk 14 dagen na de dag waarop de aannemer de eindafrekening heeft ingediend, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 15.
  6. Voor werkzaamheden die op basis van spoed of buiten kantooruren op verzoek van Opdrachtgever uitgevoerd (moeten) worden, kan tevens een toeslag gerekend worden zoals overeengekomen in de offerte. Indien zaken verzonden dienen te worden, dient Opdrachtgever hiervoor bijkomende kosten te vergoeden.

 

Artikel 10: 5% regeling

  1. Dit artikel is slechts van toepassing op aanneming van werk die strekt tot de bouw van een woning in opdracht van een consument, dat wil zeggen een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf.
  2. De consument kan zonder beroep te doen op artikel 6:262 BW en onder behoud van zijn recht op oplevering, maximaal 5% van de aannemingssom inhouden op de laatste termijn of laatste termijnen en dit bedrag in plaats van aan de aannemer te betalen, in depot storten bij een notaris.
  3. De notaris brengt het bedrag in de macht van de aannemer nadat drie maanden zijn verstreken na het tijdstip van oplevering, tenzij de consument van zijn in artikel 6:262 BW toegekende bevoegdheid gebruik wenst gebruik te maken. In dat geval deelt de consument aan de notaris mee tot welk bedrag het depot moet worden gehandhaafd.
  4. De notaris brengt het bedrag voorts in de macht van de aannemer voor zover de consument daarin toestemt, de aannemer vervangende zekerheid stelt of bij een uitspraak die partijen bindt, is beslist dat een depot niet of niet langer gerechtvaardigd is.
  5. Indien de consument aan de aannemer schadevergoeding verschuldigd is wegens de depotstoring of de door de aannemer gestelde vervangende zekerheid, wordt deze gesteld op de wettelijke rente van artikel 6:119 BW. Gedurende de drie maanden na oplevering is zij niet verschuldigd, zelfs niet indien geen gebreken worden geconstateerd.
  6. De door de notaris berekende kosten voor het depot komen voor rekening van de consument. De door de notaris te vergoeden rente over het depotbedrag komt ten gunste van de consument.

 

Artikel 11: Oplevering en onderhoudstermijn

  1. Het werk geldt als opgeleverd wanneer de aannemer heeft medegedeeld dat het werk gereed is voor oplevering en de Opdrachtgever het werk heeft aanvaard. Ter gelegenheid van de oplevering wordt een door beide partijen te ondertekenen opleveringsrapport opgemaakt. Een door de Opdrachtgever geconstateerde tekortkoming die door de aannemer niet wordt erkend wordt in het opleveringsrapport als zodanig vermeld.
  2. Indien de aannemer heeft medegedeeld dat het werk voor oplevering gereed is en de Opdrachtgever niet binnen 8 dagen daarna laat weten of hij het werk al dan niet aanvaardt, geldt het werk als opgeleverd.
  3. Indien de Opdrachtgever het werk afkeurt, dient hij dat schriftelijk of elektronisch te doen onder vermelding van de gebreken die de reden voor afkeuring zijn. Kleine gebreken, die gevoeglijk in de onderhoudstermijn kunnen worden hersteld, zullen geen reden tot afkeuring mogen zijn, mits zij een eventuele ingebruikneming niet in de weg staan.
  4. Indien de Opdrachtgever het werk in gebruik neemt, geldt het werk als opgeleverd.
  5. Indien partijen vaststellen dat gelet op de aard of omvang van de tekortkomingen in redelijkheid niet van oplevering kan worden gesproken, zal de aannemer na overleg met de Opdrachtgever een nieuwe datum noemen waarop het werk gereed zal zijn voor oplevering.
  6. Na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, is het werk voor risico van de Opdrachtgever.
  7. Door de aannemer erkende tekortkomingen worden zo spoedig mogelijk hersteld.
  8. Na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, gaat een onderhoudstermijn van 30 dagen in.

 

Artikel 12: Uitvoeringsduur, uitstel van oplevering en schadevergoeding wegens te late oplevering

  1. Indien de termijn, waarbinnen het werk zal worden opgeleverd, is uitgedrukt in werkbare werkdagen, wordt onder werkdag verstaan een kalenderdag, tenzij deze valt op een algemeen of ter plaatse van het werk erkende, of door de overheid dan wel bij of krachtens collectieve arbeidsovereenkomst voorgeschreven rust- of feestdag, vakantiedag of andere niet individuele vrije dag. Werkdagen, respectievelijk halve werkdagen, worden als onwerkbaar beschouwd, wanneer daarop door niet voor rekening van de aannemer komen- de omstandigheden gedurende tenminste vijf uren, respectievelijk tenminste twee uren, door het grootste deel van de arbeiders of machines niet kan worden gewerkt.
  2. De aannemer heeft recht op verlenging van de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd indien door overmacht, door voor rekening van de Opdrachtgever komende omstandigheden, dan wel als gevolg van meer en minder werk, niet van de aannemer kan worden gevergd dat het werk binnen de overeengekomen termijn wordt opgeleverd.

 

Artikel 13: In gebreke blijven van de Opdrachtgever

  1. Indien de Opdrachtgever met de betaling van hetgeen hij ingevolge de overeenkomst aan de aannemer verschuldigd is in gebreke blijft, is hij daarover met ingang van de vervaldag de wettelijke rente verschuldigd. Indien na verloop van 14 dagen na de vervaldag nog geen betaling heeft plaatsgevonden, wordt het in de voorgaande zin bedoelde rentepercentage met 2 verhoogd.
  2. Indien de Opdrachtgever niet tijdig betaalt, is de aannemer gerechtigd tot invordering van het verschuldigde over te gaan, mits hij de Opdrachtgever schriftelijk of elektronisch heeft aangemaand om alsnog binnen 14 dagen te betalen en die betaling is uitgebleven. Indien de aannemer tot invordering overgaat, zijn de daaraan verbonden buitengerechtelijke kosten voor rekening van de Opdrachtgever, mits de hoogte hiervan in de aanmaning is vermeld. De aannemer is gerechtigd hiervoor in rekening te brengen het bedrag conform het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten.
  3. Indien de Opdrachtgever hetgeen de aannemer volgens de overeenkomst toekomt, niet of niet tijdig betaalt, of de aannemer gegronde redenen heeft om aan te nemen dat de Opdrachtgever het de aannemer toekomende niet of niet tijdig zal betalen, is de aannemer gerechtigd om van de Opdrachtgever genoegzame zekerheid te verlangen.
  4. Indien de Opdrachtgever enige op hem rustende verplichting niet nakomt, is de aannemer gerechtigd het werk te schorsen tot het moment waarop de Opdrachtgever deze verplichting is nagekomen, dan wel het werk in onvoltooide staat te beëindigen, mits de aannemer de Opdrachtgever vooraf schriftelijk of elektronisch op deze gevolgen van het niet-nakomen heeft gewezen. Het in de vorige zin bepaalde laat onverlet het recht van de aannemer op vergoeding van schade, kosten en rente.
  5. Indien de Opdrachtgever in staat van faillissement wordt verklaard, dan wel surseance van betaling aanvraagt, dan wel indien ten laste van hem door een derde enig rechtmatig beslag wordt gelegd, tenzij dit beslag binnen een maand, al dan niet tegen zekerheidstelling, wordt opgeheven, is de aannemer gerechtigd zonder nadere aanmaning het werk te schorsen, dan wel het werk in onvoltooide staat te beëindigen.
  6. Indien op grond van dit artikel sprake is van schorsing respectievelijk beëindiging in onvoltooide staat, is het bepaalde in artikel 16 van toepassing.

 

Artikel 14: In gebreke blijven van de aannemer

  1. Indien de aannemer zijn verplichtingen ter zake van de aanvang of de voortzetting van het werk niet nakomt en de Opdrachtgever hem in verband daarmee wenst aan te manen, zal de Opdrachtgever hem schriftelijk of elektronisch aanmanen om zo spoedig mogelijk de uitvoering van het werk aan te vangen of voort te zetten.
  2. De Opdrachtgever is bevoegd het werk door een derde te doen uitvoeren of voortzetten, indien de aannemer na verloop van de in de aanmaning vermelde termijn in gebreke blijft mits de ernst van de tekortkoming dit rechtvaardigt en onder voorwaarde dat de Opdrachtgever zulks in de aanmaning heeft vermeld. In dat geval heeft de Opdrachtgever recht op vergoeding van de uit het in gebreke blijven van de aannemer voortvloeiende schade en kosten.
  3. De Opdrachtgever zorgt ervoor, dat de kosten, die voor de aannemer voortvloeien uit de toepassing van het vorige lid, binnen redelijke grenzen blijven.

 

Artikel 15: Opschorting van de betaling

Indien het uitgevoerde werk niet voldoet aan de overeenkomst heeft de Opdrachtgever het recht de betaling geheel of gedeeltelijk op te schorten. Het met de opschorting gemoeide bedrag dient in redelijke verhouding te staan tot de tekortkoming. De Opdrachtgever meldt schriftelijk of elektronisch de opschorting en de reden daarvan aan de aannemer.

 

Artikel 16: Schorsing, beëindiging van het werk in onvoltooide staat en opzegging

  1. De Opdrachtgever is bevoegd de uitvoering van het werk geheel of gedeeltelijk te schorsen. Voorzieningen die de aannemer ten gevolge van de schorsing moet treffen, en schade die de aannemer ten gevolge van de schorsing lijdt, worden aan de aannemer vergoed.
  2. Indien gedurende de schorsing schade aan het werk ontstaat, komt deze niet voor de rekening van de aannemer, mits hij de Opdrachtgever tevoren schriftelijk of elektronisch heeft gewezen op dit aan de schorsing verbonden gevolg.
  3. Indien de schorsing langer dan 14 dagen duurt, kan de aannemer bovendien vorderen, dat hem een evenredige betaling voor het uitgevoerde gedeelte van het werk wordt gedaan. Daarbij wordt rekening gehouden met op het werk aangevoerde, nog niet verwerkte maar wel reeds door de aannemer betaalde bouwstoffen.
  4. Indien de schorsing van het werk langer dan een maand duurt, is de aannemer bevoegd het werk in onvoltooide staat te beëindigen. In dat geval dient overeenkomstig het volgende lid te worden afgerekend.
  5. De Opdrachtgever is te allen tijde bevoegd de overeenkomst geheel of gedeeltelijk op te zeggen. De aannemer heeft in dat geval recht op de aannemingssom, vermeerderd met de kosten die hij als gevolg van de niet voltooiing heeft moeten maken en verminderd met de hem door de beëindiging bespaarde kosten. De aannemer is gerechtigd om in plaats van voorgaande aanspraak 10% van de waarde van het niet uitgevoerde deel van het werk in rekening te brengen. De aannemer zendt de Opdrachtgever een gespecificeerde eindafrekening van hetgeen de Opdrachtgever ingevolge de opzegging verschuldigd is.

 

Artikel 17: Aansprakelijkheid van de Opdrachtgever

  1. De Opdrachtgever draagt de verantwoordelijkheid voor de juistheid van de door of namens hem verstrekte gegevens.
  2. Verschillen tussen de tijdens de uitvoering blijkende toestand van bestaande gebouwen, werken en terreinen enerzijds en de toestand die de aannemer redelijkerwijs had mogen verwachten, geven de aannemer recht op vergoeding van de daaruit voortvloeiende kosten.
  3. Indien na de totstandkoming van de overeenkomst blijkt dat het bouwterrein verontreinigd is of de uit het werk komende bouwstoffen verontreinigd zijn, is de Opdrachtgever aansprakelijk voor de daaruit voor de uitvoering van het werk voortvloeiende gevolgen.
  4. De Opdrachtgever draagt de verantwoordelijkheid voor de door of namens hem voorgeschreven constructies en werkwijzen, daaronder begrepen de invloed, die daarop door de bodemgesteldheid wordt uitgeoefend, alsmede voor de door of namens hem gegeven orders en aanwijzingen.
  5. De Opdrachtgever is verantwoordelijk voor het verkrijgen van alle mogelijke vereiste (bouw- / omgevings-)vergunningen. Opdrachtgever vrijwaart de Aannemer voor alle aanspraken als gevolg van het ontbreken van (bouw- / omgevings-)vergunningen.
  6. Indien bouwstoffen of hulpmiddelen, die de Opdrachtgever ter beschikking heeft gesteld, dan wel door hem zijn voorgeschreven, ongeschikt of gebrekkig zijn, komen de gevolgen hiervan voor rekening van de Opdrachtgever.
  7. Indien de Opdrachtgever een onderaannemer of leverancier heeft voorgeschreven, en deze niet, niet tijdig of niet deugdelijk presteert, komen de gevolgen hiervan voor rekening van de Opdrachtgever.
  8. De Opdrachtgever is aansprakelijk voor schade aan het werk en de schade en vertraging die de aannemer lijdt als gevolg van door de Opdrachtgever of in zijn opdracht door derden uitgevoerde werkzaamheden of verrichte leveringen.
  9. De gevolgen van de naleving van wettelijke voorschriften of beschikkingen van overheidswege die na de dag van de offerte in werking treden, komen voor rekening van de Opdrachtgever, tenzij redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aannemer die gevolgen reeds op de dag van de offerte had kunnen voorzien.

 

Artikel 18: Aansprakelijkheid van de aannemer

1. Ontwerpaansprakelijkheid

  1. In geval van tekortkomingen in het ontwerp, is de aannemer hiervoor slechts aansprakelijk voor zover deze tekortkomingen hem kunnen worden toegerekend.
  2. De aansprakelijkheid van de aannemer op grond van het vorige lid is beperkt tot het voor het verrichten van de ontwerpwerkzaamheden overeengekomen bedrag. Indien geen bedrag is overeengekomen, is de aansprakelijkheid van de aannemer beperkt tot 10% van de aannemingssom.
  3. De rechtsvordering uit hoofde van een toerekenbare tekortkoming is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van vijf jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn.
  4. Schade als gevolg van het werken van natuurproducten, zoals het krimpen en uitzetten van hout, leidt niet tot aansprakelijkheid van de aannemer, tenzij sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid. Herstel van schade als gevolg van het werken van natuurproducten, zoals hiervoor bedoeld, geldt als meerwerk.
  5. Hout is een natuurproduct en is uniek van structuur, nerf en kleur. Scheurvorming, gaten, oneffenheden, noesten en elk ander verandering en/of verschil door temperatuurwisseling en luchtvochtigheid zijn natuurlijke kenmerken en komen derhalve voor rekening en risico van Opdrachtgever. Opdrachtgever is voorafgaand aan de Overeenkomst geïnformeerd over de eigenschappen en onderhoud van het Product, en dat hout een natuurlijk materiaal betreft. Kleine afwijkingen en verschillen zijn gelet op het natuurproduct toegestaan.

 

2. Aansprakelijkheid tijdens de uitvoering van het werk

  1. Het werk en de uitvoering daarvan zijn voor verantwoordelijkheid van de aannemer met ingang van het tijdstip van aanvang tot en met de dag waarop het werk is opgeleverd of als opgeleverd geldt.
  2. Onverminderd de aansprakelijkheid van partijen krachtens de overeenkomst of de wet is de aannemer aansprakelijk voor schade aan het werk, tenzij deze schade het gevolg is van buitengewone omstandigheden tegen de schadelijke gevolgen waarvan de aannemer in verband met de aard van het werk geen passende maatregelen heeft behoeven te nemen en het onredelijk zou zijn de schade voor zijn rekening te doen komen.
  3. De aannemer is aansprakelijk voor schade aan andere werken en eigendommen van de Opdrachtgever voor zover deze door de uitvoering van het werk is toegebracht en te wijten is aan nalatigheid, onvoorzichtigheid of verkeerde handelingen van de aannemer, zijn personeel, zijn onderaannemers of zijn leveranciers.
  4. De aannemer vrijwaart de Opdrachtgever tegen aanspraken van derden tot vergoeding van schade, voor zover deze door de uitvoering van het werk is toegebracht en te wijten is aan nalatigheid, onvoorzichtigheid of verkeerde handelingen van de aannemer, zijn personeel, zijn onderaannemers of zijn leveranciers.

 

3. Aansprakelijkheid na oplevering

  1. Na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, is de aannemer niet meer aansprakelijk voor tekortkomingen aan het werk.
  2. Het in het eerste lid bepaalde lijdt uitzondering indien sprake is van een gebrek:
    1. dat in de onderhoudstermijn aan de dag is getreden en dat redelijkerwijs niet bij oplevering door de Opdrachtgever onderkend had kunnen worden, tenzij de aannemer aannemelijk maakt dat het gebrek met grote mate van waarschijnlijkheid moeten worden toegeschreven aan een omstandigheid, die aan de Opdrachtgever kan worden toegerekend;
    2. dat na afloop van de onderhoudstermijn aan de dag is getreden, dat redelijkerwijs niet bij oplevering door de Opdrachtgever onderkend had kunnen worden en waarvan de Opdrachtgever aannemelijk maakt dat het gebrek met grote mate van waarschijnlijkheid moeten worden toegeschreven aan een omstandigheid, die aan de aannemer kan worden toegerekend.
  3. De rechtsvordering uit hoofde van het in lid 2 sub a bedoelde gebrek is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van twee jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn.
  4. De rechtsvordering uit hoofde van het in lid 2 sub b bedoelde gebrek is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van vijf jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn. Ingeval het in het in lid 2 sub b bedoelde gebrek echter als een ernstig gebrek moet worden aangemerkt, is de rechtsvordering niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van tien jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn. Een gebrek is slechts dan als een ernstig gebrek aan te merken indien het werk geheel of gedeeltelijk is ingestort of dreigt in te storten, dan wel ongeschikt is geraakt of ongeschikt dreigt te geraken voor de bestemming waarvoor het blijkens de overeenkomst bedoeld is en dit slechts kan worden verholpen of kan worden voorkomen door het treffen van zeer kostbare voorzieningen.

 

4. Overige bepalingen

  1. De Opdrachtgever is in de gevallen als voorzien in de artikelen 18.1 tot en met 18.3 verplicht de aannemer van het gebrek binnen redelijke termijn na ontdekking mededeling te doen en de aannemer de gelegenheid te geven binnen een redelijke termijn voor diens rekening toerekenbare tekortkomingen en/of gebreken, waarvoor de aannemer aansprakelijk is, te herstellen/op te heffen.
  2. Indien de kosten van herstel voor een gebrek of van het opheffen van een tekortkoming waarvoor de aannemer aansprakelijk is niet in redelijke verhouding staan tot het belang van de Opdrachtgever bij herstel, mag de aannemer in plaats van herstel volstaan met het uitkeren van een redelijke schadevergoeding aan de Opdrachtgever.
  3. De uit de artikelen 18.1 tot en met 18.3 voortvloeiende beperkingen van de aansprakelijkheid vinden geen toepassing indien de schade het gevolg is van opzet of grove schuld van de aannemer.

 

Artikel 19 Eigendomsvoorbehoud

  1. De Aannemer levert alle producten c.q. zaken onder eigendomsvoorbehoud, totdat Opdrachtgever alle verschuldigde bedragen volledig aan de Aannemer heeft voldaan blijft het geleverd eigendom van de Aannemer.
  2. De Aannemer heeft het recht om de door Opdrachtgever aangekochte producten c.q. zaken, onder zich te houden indien Opdrachtgever nog niet (volledig) aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, ondanks een verplichting tot overdracht of afgifte van de Aannemer. Nadat Opdrachtgever alsnog aan zijn verplichtingen heeft voldaan zal de Aannemer de aangekochte producten c.q. zaken alsnog zo snel mogelijk, doch uiterlijk binnen 20 werkdagen leveren aan Opdrachtgever.
  3. Kosten en overige (gevolg)schade als gevolg van het onder zich houden van de aangekochte producten komt voor rekening en risico van Opdrachtgever en zal op eerste verzoek aan de Aannemer worden vergoed door Opdrachtgever.

 

Artikel 20 Geheimhouding

    1. De Aannemer en Opdrachtgever verplichten zich tot geheimhouding van alle vertrouwelijke informatie die is verkregen in het kader van een Overeenkomst. De vertrouwelijkheid vloeit voort uit de Overeenkomst of waarvan men redelijkerwijs kan verwachten dat het om vertrouwelijke informatie gaat
    2. Indien de Aannemer op grond van een wettelijke bepaling of een gerechtelijke uitspraak gehouden is de vertrouwelijke informatie aan door de wet of bevoegde rechter of aangegeven derde (mede) te verstrekken, en de Aannemer zich niet kan beroepen op een verschoningsrecht, is de Aannemer niet gehouden tot enige schadevergoeding en is Opdrachtgever niet gerechtigd tot ontbinding van de Overeenkomst.
      • De geheimhoudingsverplichting leggen de Aannemer en Opdrachtgever ook de door hen in te schakelen derden op.

 

Artikel 21: Geschillen en toepasselijk recht

    1. Op de overeenkomst van aanneming van werk of op de overeenkomst tussen Opdrachtgever en aannemer die daarvan een uitvloeisel zijn, is Nederlands recht van toepassing. De toepasselijkheid van het Weens Koopverdrag (CISG) is uitdrukkelijk uitgesloten.
    2. Voor zover dwingende wetsbepalingen niet anders meebrengen en partijen ook niet alsnog arbitrage overeenkomen, is de rechter, binnen wiens arrondissement Aannemer zijn hoofdvestiging heeft, bij uitsluiting bevoegd kennis te nemen van alle geschillen tussen Opdrachtgever en Aannemer, die naar aanleiding van deze aannemingsovereenkomst of van overeenkomsten die daarvan een uitvloeisel mochten zijn en niet in der minne kunnen worden opgelost. Aannemer blijft echter bevoegd Opdrachtgever ook in rechte aan te spreken – naar keuze van Aannemer – bij de rechter in wiens arrondissement Opdrachtgever woonplaats heeft dan wel waar de onroerend zaak is gelegen.
    3. Komen partijen alsnog arbitrage overeen, dan zal die arbitrage, tenzij alsdan anders wordt overeengekomen, worden beheerst door de alsdan geldende regelen beschreven in het arbitragereglement van de Raad van Arbitrage in Bouwgeschillen, zoals dit drie maanden voor het tot stand komen van de overeenkomst luidt.
    4. De Aannemer is gerechtigd om deze algemene voorwaarden eenzijdig te wijzigen. In dat geval zal de Aannemer de Opdrachtgever tijdig op de hoogte stellen van de wijzigingen. Tussen deze kennisgeving en de inwerkingtreding van de gewijzigde voorwaarden zal tenminste een maand zitten. Indien de Opdrachtgever een natuurlijk persoon is, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, en de wijziging heeft tot gevolg dat aan de Opdrachtgever een prestatie wordt verschaft die wezenlijk van de oorspronkelijke prestatie afwijkt, heeft de Opdrachtgever de bevoegdheid overeenkomst te ontbinden per de datum dat de gewijzigde voorwaarden in werking treden.

Algemene voorwaarden